Een Bijbelse kijk op Israël

donderdag 18 augustus 2011

Palestijnse claims op het land zijn vals

overgenomen van www.franklinterhorst.nl

Het conflict tussen Israël en de ‘Palestijnen’ vormt al tientallen jaren een van de meest problematische vraagstukken van de internationale politiek. Het idee dat de Samaria en Judea, de zogenaamde ‘Westbank’ bezet Palestijns land zijn en dat de ‘Palestijnen’ vechten voor de bevrijding van hun land op de Israëlische bezetter, is een internationaal geaccepteerd feit. Maar de Palestijnse claims op dit land is één van de grootste leugens in de menselijke geschiedenis. Er bestaat geen enkel boek dat de geschiedenis behandelt van een Palestijns volk of een andere weergave van een bestaande Palestijnse cultuur. Noch verslagen van reizigers, of het nu christenen, moslims of joden waren, vermeldden enige verdienste van blijvende aard met betrekking tot Arabische historische relatie tot ‘Palestina’. Voor de Arabieren als geheel is er nooit een begrip als ‘Palestina’ geweest. ’Palestina’ wordt eenmaal in de Koran genoemd als het “Heilige Land”- dat wil zeggen, heilig voor joden en christenen.De geschiedenis meldt niets over een Palestijnse president of koning voordat de voormalige terreurbaas Jasser Arafat ten tonele verscheen. Na acceptatie van het door de Verenigde Naties samengestelde verdelingsplan spreekt men van een Arabische en niet van een Palestijnse staat. In de periode dat Jordanië en Egypte de gebieden bezetten die aan de Arabieren waren toegewezen (1948/1967) is er nooit een beweging geweest om de Bijbelse gebieden te scheiden van Jordanië en de Gazastrook van Egypte. Er was geen Arabische stroming, die in deze gebieden een eigen land nastreefde, of wilde opbouwen.Wel was er een beweging die zich ten doel had gesteld om Israël van de kaart van het Midden Oosten te verwijderen. Toch lukt het de Arabieren al jarenlang steun van de internationale anti-Israël kliek te krijgen voor hun eis dat “Palestina’aan de ‘Palestijnen’ moet worden teruggegeven.

Het probleem is voor een deel terug te voeren tot de stichting van de staat Israël op 14 mei 1948. Het VN verdelingsplan werd aanvaard door de Joden maar niet door de Arabieren. Met de terugtrekking van de Britten uit het mandaatgebied ‘Palestina’ riep Israël haar onafhankelijkheid uit op het haar door de VN toegekende gebied. De dag daarna werd het nieuwe "Israël" aangevallen door de legers van 6 Arabische landen, Egypte, Syrië, Transjordanië, Libanon, Saoedi-Arabië en Irak, die het VN verdelingsplan niet aanvaarden. De aanvallende Arabische landen riepen de bevolking op zo snel mogelijk te vertrekken om hun intocht te vergemakkelijken, met de belofte op spoedige terugkeer zodra de Joden waren verslagen.Vandaag heet het dat de Joden verantwoordelijk zijn voor het ‘vluchtelingenprobleem’ maar het is niets anders dan een zwendelpartij en het grootste internationale bedrog van de 20ste eeuw.

De oorlog van 1948 werd uitvoerig beschreven in de wereldpers door de correspondenten Arabische, noch westerse, werd ook maar gesuggereerd dat Israël de Arabieren verjoeg. (zie o.m. "As Sarih", 30-03-1948; "Sada al Janub", 16-08-1948; "London Times", 5-05-1948; "The Economist", 2-10-1948; "Falastin"(Jordanië), 19-02-1949. De Londen Times, een krant zeer vijandig tegenover het Zionisme, publiceerde maar liefst 11 hoofdartikelen over de situatie in Palestina. In geen daarvan was zelfs een vage verdenking te bespeuren dat de Zionisten verantwoordelijk waren voor de vlucht van de circa 345.000 Arabieren (de cijfers werden later met honderdduizenden opgedreven). Het was direct na de oorlog dat de vluchtelingenzwendel zich ontwikkelde tot een internationale operatie. Zodra de rampenhulporganisatie van de Verenigde Naties begon met het uitdelen van voedsel, onderdak, kleding en medische hulp aan de ‘vluchtelingen’ kwamen massa’s behoeftige Arabieren naar de kampen uit alle Arabische landen. De organisatie had geen mogelijkheid tot identificatie; de nieuwkomers tekenden dus eenvoudigweg het register als vluchtelingen en ontvingen gratis hulp.

Reeds in december 1948 rapporteerde Sir Rafael Cilento, de directeur van de hulporganisatie, dat 750.000 ’vluchtelingen’ werden geholpen. Rond juli 1949 bedroeg dat aantal al een miljoen. Het internationale Comite van het Rode Kruis nam ook deel aan die bezigheden. Het drong aan op erkenning van elke behoeftige Arabier in Palestina als een vluchteling. Zo kwamen er nog eens 100.000 bij op de lijst. Zo bestaan er dus nu, in de derde generatie, als gevolg van alle vervalsingen, een grote vage massa Arabieren, vermeld op officiële lijsten van de VN als Arabische vluchtelingen, beschreven als "slachtoffers van Israëlische agressie" vragend om hun recht op terukeer. Het vertrek van de ‘vluchtelingen’ ligt geheel op de schouders van de Arabische landen wiens boosaardige plan het was Israël te vernietigen. Pas later zagen de Arabieren de propagandistische waarde ervan in om Israël de schuld te geven. Emil Ghoury, secretaris van het Arabisch Hoger Comité, het officiële leiderschap van de Palestijnse Arabieren in 1948 zei in de "Daily Telegraph"van Beiroet, 6-09-1948: het feit dat er vluchtelingen zijn is het directe gevolg van de actie van de Arabische Staten door de verdeling en de Joodse Staat te verwerpen. De Arabische Staten zijn unaniem deze strategie overeengekomen en zij moeten delen in de oplossing van het probleem.In 1960 paste Emil Ghoury zijn eerste versie plotseling aan en zei in de VN (17-11-1960): "Het waren de ( Zionistische) terreurdaden, vergezeld door algehele plunderingen, die de exodus van de Palestijnse Arabieren veroorzaakt hebben".

De roep om onmiddellijke actie tegen Israël uitte zich onder meer via de organisatie "al-Fatah" (de overwinning), die al in 1959 door Jasser Arafat en Mahmoud Abbas ( of ‘Abu Mazen’) in Koeweit was opgericht.
In de satuten van al-Fatah werden de volgende doelstellingen opgenomen:
"Volledige bevrijding van Palestina en de uitroeiing van het zionistische economische, politieke, militaire en culturele bestaan. Onze gewapende strijd heeft ten doel de zionistische staat te vernietigen en Palestina volledig te bevrijden. Er is geen plaats voor Israël. Het maakt niet uit hoe lang het duurt tot ze verdwenen is. Jeruzalem is een symbool voor iedere moslim op de wereld. De Joodse aanspraken op de stad zijn vals en wij accepteren niets dan een volledig islamitisch Jeruzalem onder islamitisch beheer. Het eind van het zionistisch wezen is een opdracht in de Koran".

Het punt is dus niet "bezetting van gebieden" het punt is dat zij geen Joodse staat dulden. In het Engels spreken ze over vrede om de Westerse samenleving een rad voor ogen te draaien. De ‘Palestijnen’ streven niet naar het einde van het conflict, maar naar de verandering van Israël in een ‘Palestijnse’ staat. De strategie is Israël in fasen te liquideren. De terreur en de tijd zullen hun werk doen. Dat is hun fasentheorie.Ook het opeisen van de stad Jeruzalem is volslagen ten onrechte want de stad is nooit in de hele geschiedenis de hoofdstad geweest van een Arabische of een moslimstaat. Jeruzalem is al meer dan 3000 jaar de hoofdstad van de kinderen van Israël.

Tijdens de eerste Arabische topconferentie in Alexandrië in 1964- toen Samaria en Judea de ‘Westoever’ nog onder Jordaanse bezetting vielen- werd besloten tot de oprichting van de ‘Palestijnse’ Bevrijdingsorganisatie ( PLO ) ,die financieel gesteund zou worden door de Arabische Liga en de Sovjet Unie. Toen was er geen enkele Joodse ‘nederzetting’ in deze gebieden, noch was er sprake van enige Joodse ‘bezetting’. Toch spreekt het handvest van de PLO vanaf haar oprichting over vernietiging van Israël en vonden er al diverse terroristische aanvallen plaats op Israëlisch grondgebied. De advocaat Ahmed Sjoekeiri, voormalig ambassadeur van Saoedi-Arabië bij de Verenigde Naties, werd de eerste leider van de PLO. Vanaf dat moment was er voor het eerst sprake van een soort ‘Palestijnse’ Nationale Identiteit. Daarvoor was er geen serieuze beweging geweest die streefde naar een ‘Palestijns’ thuisland. In 1968 werd de PLO omgevormd tot overkoepelende organisatie, waarin de verschillende aangesloten groepen zelfstandig konden blijven opereren. Behalve al-Fatah verenigden zich onder deze koepel ook een aantal andere terreurbewegingen zoals het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina, gesteund door Irak en Libië onder leiding van George Habasj. De PLO als overkoepelende organisatie kwam onder leiding te staan van Jasser Arafat. Zowel de oprichting van de al-Fatah beweging als de oprichting van de PLO gebeurde dus in een tijd dat de "Westelijke Jordaanoever" en "Oost Jeruzalem" door Jordanië bezet waren.

Met het ontstaan van de PLO bleek echter al spoedig dat het de zogenaamde Palestijnen niet alleen om dit gebied ging maar om het hele voormalige Britse mandaatgebied Palestina, dus inclusief het deel wat de VN aan Israël had toegewezen. Tijdens de "Zesdaagse oorlog" van 1967 veroverde Israël de Westelijke Jordaanoever en Oost Jeruzalem op Jordanië, de Golanhoogvlakte (het Bijbelse Basan) op Syrië en de Gazastrook op Egypte. De verovering van de Westelijke Jordaanoever en Oost Jeruzalem betekende een terugkeer van het Joodse volk naar het aloude Bijbelse land, naar de bergen van Samaria en Judea en hun 3000 jaar oude hoofdstad Jeruzalem. Deze gebeurtenis is een van de grootste wonderen die de wereld ooit heeft aanschouwd. Israël veroverde het land dus niet op de ‘Palestijnen’ zoals velen tegenwoordig geloven, maar op Jordanië. Vanaf de oorlog van 1967 etaleerde de PLO zich als een stel gewetenloze en koelbloedige moordenaars. Zij richtten hun terreuracties, waarbij veel onschuldige slachtoffers vielen, voornamelijk tegen Israël maar deels ook tegen niet-Israëlische doelen, zoals de internationale vliegtuigkapingen.

De term ‘het Palestijnse volk’ duikt voor het eerst op in 1964. Een bedenksel van terreurbaas Jasser Arafat om de verschillende terreurbewegingen onder deze gemeenschappelijke noemer te verenigen. "The Jews took no one’s land" zei Joseph Farah, een Amerikaan van Arabische afkomst en Midden-Oosten deskundige, op 25 april 2002 in een interview voor Arutz-7 radio:
"Er bestaat niet zoiets als een Palestijns volk.Er heeft in de hele geschiedenis nooit een Palestijns volk bestaan. Er is een entiteit gecreeerd, die helemaal niet bestond. Er bestaat geen Palestijnse taal, geen Palestijnse cultuur en er is nooit sprake geweest van een land dat bestuurd werd door Palestijnen. Wat men heden ten dage het Palestijnse volk noemt is niets anders dan een verzameling Arabieren uit verschillende Arabische landen. Ze spreken net als de 300 miljoen andere Arabieren dezelfde taal en prevelen allemaal vijf keer per dag: “Allahu akbar”- Allah is groter dan de God van Israël. Zij noemden zich nooit ‘Palestijnen’. Er is niets dat hen doet verschillen van de Arabische bevolking in bijvoorbeeld Jordanië, Egypte, Irak of een ander Arabisch land".

Zelfs de Koran is niet onduidelijk over wie recht heeft op het land. Volgens de Korandeskundige Sheikh Dr. Muhammad Al-Husseini laten de commentatoren in de 8ste en 9de eeuw er geen twijfel over bestaan dat Eretz Israël door God is gegeven aan het Joodse volk als een eeuwig durend bezit. Er bestaat geen enkele aanwijzing dat dit land voor de islam bestemd is. Zo citeerd Muhammed ibn Jarir al-Tabari (838-923) koranvers 5:21 als volgt: ‘O mijn volk! Trek het Heilige Land binnen dat God voor u bestemd heeft. En tot Mozes en zijn volk, de kinderen van Israël, zei God dat ze het land in bezit moeten nemen.’ Muhammed al-Husseini: ‘Geen enkel ander volk hoe hard ze ook schreeuwen kunnen aanspraak maken op dit land.’ Ook Sura 7:136-137 en Sura 17:103-104 verwijzen naar Israëls recht op het land. http://www.thejc.com/judaism/judaism-features/what-koran-says-about-land-israel http://www.templemount.org/quranland.html

Palestina is Latijn voor ‘het land van de Filistijnen’ en is tevens een Grieks-Romeins woord afgeleid van het hebreeuwse woord plishtim-Filistijnen.. In het Arabisch heet het Falastin en bij de Joden Eretz Jisraeel- het Land Israël. Het was de Romeise keizer Hadrianus in 135 n.Chr., die Judea dat toen al eeuwenlang onder deze naam bekend stond, verving door Palestina. Hij hoopte dat met deze daad de namen Israël en Judea in de vergetelheid zouden raken. Tot in de negentiende eeuw werd de naam Palestina vooral gebruikt door katholieken uit Italië, Spanje en Latijns Amerika. Tot 1922 (het Britse mandaat), was Palestina nooit een politieke entiteit geweest en had het daardoor ook geen duidelijk afgebakende grenzen.

De Filistijnen waren een niet semitisch volk maar afstammelingen van de Pelasgen (Pre-Grieken) afkomstig van het eiland Kreta, dat in de Bijbel Kaftor genoemd wordt. De hele regio- door de Britten het mandaadgebied Palestina genoemd- bestond eeuwenlang uit niets anders dan woestijn en uitgestrekte moerasgebieden. Dat betekent echter niet dat er niet altijd een sterke joodse aanwezigheid was in het land.In het boek “Palaestina ex monumentis veteribus illustrata” schrijft geograaf, en cartograaf Hadrianus Relandus (Adriaan Reland) de resultaten van zijn onderzoeken in het Heilige Land rond het jaar 1695.Relandus beheerste veel talen waaronder Aramees, Hebreeuws en Oudgrieks. Hij heeft in die tijd de namen van in totaal 2500 nederzettingen onderzocht.

De herkomst van de meeste van deze nederzettingen gaat terug op de Bijbel, de Talmoed en andere geschriften van het jodendom. Relandus gaf in zijn werk precieze bronvermeldingen aan. Slechts in enkele gevallen waren zulke namen tot het Latijn of Grieks te herleiden. Geen enkele van deze namen komt oorspronkelijk uit het Arabisch. Het huidige Ram’allah bijvoorbeeld heette vroeger Betala, wat teruggaat op het Bijbelse Bet El (Bethel). Ook meldde Relandus dat het land woest en leeg was. De meeste bewoners leefden in steden als Jeruzalem, Zefat, Akko, Jaffa, Tiberias en Gaza. In deze steden vormden de Joden de meerderheid van de bevolking. Sommige inwoners waren, zo schrijft Reland, christen, maar een aantal moslims was verbazingwekkend gering. Als er al islamitische Arabieren in deze steden leefden, waren het bedoeïenen. In de loop der eeuwen nam het aantal in dit gebied levende Arabieren vanzelfsprekend toe, maar ze hebben in geen enkele periode van de geschiedenis een apart volk gevormd. http://www.israelunitycoalition.org/news/article.php?id=4686

In de stad Jeruzalem was in het jaar 1854 2/3 van de bevolking joods. In 1906 telde Jeruzalem ca 60.000 inwoners, waaronder 7000 moslims, 13.000 christenen en 40.000 Joden. Een in 1931 gehouden volkstelling wijst uit dat de geboorteplaatsen van de in 1931 aanwezige moslims waren: Albanië, Algerije, Australië, Midden-Amerika, Cyprus, Egypte, Frankrijk, Griekenland, India, Irak, Marokka, Palestina, Iran, Zuid-Amerika, Spanje, Syrië, Transjordanië, Tripoli, Tunis, Turkije, Engeland, Noord-Amerika, Rusland, Jemen, enz. (Zie: From Time Immemorial, Joan Peters, New York, Harper & Row, 1984, pag 227). Nog steeds dragen heel wat Palestijnen die nu tussen de Jordaan en de Middellandse Zee wonen de achternamen die hun Arabische landen van herkomst verraden. Allemaal import dus ,afgezien van de paar moslims, die daar als rondzwervende bedoeïenen aanwezig waren.Gedurende de 19 jaar dat Samaria en Judea, inclusief Jeruzalem door Jordanië was bezet en Gaza door Egypte, sprak niemand over een Palestijnse staat, noch de Arabische wereld, noch de Verenigde Naties. Niemand vroeg aan Jordanië en Egypte de gebieden aan de ‘Palestijnen’ over te dragen. Niemand had toentertijd ooit van een Palestijns volk gehoord. Dat bestond gewoonweg niet! De Palestijnen en met hen diverse anti-Israël groeperingen, schrikken er niet voor terug de geschiedenis te herschrijven, alleen maar om de Joodse aanspraak op het Beloofde Land ongedaan te maken. Maar het ontbreekt ze aan overtuigend bewijs de Joodse historische claim op het Bijbelse grondgebied onderuit te halen. Israël is niet tegen een Palestijnse staat ten strijde getrokken en bezet dus ook geen Palestijns land. Israël veroverde de gebieden Samaria, Judea en Gaza, niet op de Palestijnen maar op Jordanië en Egypte. Jeruzalem was nooit de hoofdstad van een andere staat dan Israël en al helemaal niet van een staat die nooit heeft bestaan. Zelfs in de tijd van de Ottomaamse Turken stond Jeruzalem nauwelijks in de belangstelling van de islam. Die belangstelling ontstond pas nadat de Joden waren begonnen met de opbouw van hun aloude verwoeste land.
Diverse Palestijnse leiders zijn naarstig op zoek naar een historisch verhaal die hun claim op het land zou kunnen bevestigen. Ze nemen daarvoor zelfs hun toevlucht tot Bijbelse volkeren, hoewel ze niet in de Bijbel geloven. De Palestijnen zouden afstammen van de Jebusieten, Kanaänieten, Hetieten en Filistijnen. Deze volken komen geen van allen voor in de Koran. Volgens een Arabisch lid van de Knesset Ibrahim Abdullah Sarsur, leider van de Islamic Movement in Israël, zijn de Palestijnen afkomstig van de Arabische Jebusieten. Deze Arabieren zouden de stad Jeruzalem hebben gesticht lang voordat de Joden ten tonele verschenen. Ze hebben in feite geen idee waar ze het over hebben want de genoemde volken zijn geen van allen afkomstig van Sem maar van Cham en zijn dus geen Arabieren. De terreurbaas Jasser Arafat sprak steeds over zijn Filistijnse volk. Hij proclameerde dat de ‘Palestijnen’ afstammelingen zijn van de Filistijnen maar daarvoor bestaat eveneens geen enkel bewijs. De bijbel noemt hen een ‘bastaardvolk’ dat betekent, dat de Filistijnen van de eindtijd een verdeeld volk zijn zonder zuivere identiteit en dat is precies het geval met de huidige ‘Palestijnen’. In een interview van 31 maart 1977 met de Nederlandse krant Trouw , zei Zahir Muhsein, lid van het uitvoerend comité van de PLO:

"Het Palestijnse volk bestaat niet. De oprichting van een Palestijnse staat is slechts een middel ter voortzetting van onze strijd tegen de staat Israël voor onze Arabische eenheid. In werkelijkheid is er heden geen verschil tussen Jordaniërs, Palestijnen, Syriërs en Libanezen. Alleen om politieke en tactische redenen spreken we heden over htr bestaan van een Palestijns volk, daar de nationale Arabische belangen vereisen dat we het bestaan poneren van een afzonderlijk "Palestijns volk" om het Zionisme tegen te gaan.Om tactische redenen kan Jordanië , dat een soevereine staat is met vastgelegde grenzen, Haifa en Jaffa niet opeisen, terwijl ik als Palestijn, zonder twijfel Haifa, Jaffa, Beer-Sheva en Jeruzalem kan eisen. Maar vanaf het moment dat wij ons recht op geheel Palestina laten gelden, zullen we zelfs geen minuut wachten om Palestina en Jordanië te verenigen.

Mahmud Al-Zahar leider en mede-oprichter van de terreurbeweging Hamas, heeft openlijk toegegeven dat het idee van een historische ‘Palestijnse natie’ slechts een propagandastunt is van allen die tegen de wedergeboorte van Israël zijn. Dat zei hij in een interview met het tijdschrift ‘The Economist’. Op het officiële televisiestation van Hamas in Gaza, stelde Mahmoud Al-Zahhar op 18 november 2010 de kijkers de uitroeiing van de Joden in het vooruitzicht. Hij legde uit hoe 'logisch' het is dat er geen plek is voor Joden in Israel/Palestina en dat hen de algehele uitroeiing wacht.Want in Europa zijn de Joden ook steeds verdreven, uit Frankrijk bijvoorbeeld omdat ze "het bloed uit de Fransen zogen" *. Daarom "hebben de Fransen de Joden afgeslacht", aldus Al-Zahhar. In een bijzondere holocaust-ontkenning zegt hij dat ook "Duitsland de Joden verdreef in 1945". Ook het Handvest van Hamas staat bol van het antisemitisme en roept op tot het doden van alle Joden. De wereldleiders denken dat met een Palestijnse staat de problemen in het Midden-Oosten zijn opgelost, maar dat is niets anders dan een illusie.

Achmed Jibril, leider van het door Syrië en Iran gesteunde Volksfront voor de bevrijding van Palestina, zei in een interview met Associated Press dat de staat Israël van de aardbodem dient te verdwijnen. Nabil Sha’ath, een leugenachtige marionet van het PA/PLO -regiem en voormalig minister van BZ, zei dat Israël niet moet denken dat zij de nederzettingen in de "bezette gebieden"(Samaria en Judea) kunnen behouden evenmin als de stad Jeruzalem. En zij hebben het ook mis als ze denken dat ze drie miljoen ‘Palestijnse’ vluchtelingen tegen kunnen houden terug te keren als de staat Palestina eenmaal een feit is. Hanai al-Hassan, een hoge adviseur van wijlen Arafat maakte bekend dat de ‘Palestijnen’ al hun geweren tegen Israël zullen inzetten als Israël niet volledig aan de ‘Palestijnse’ eisen voldoet. De tv-zender van de Palestijnse Autoriteit, roept met regelmaat de Israëliërs op om ‘terug te keren’ naar hun oorspronkelijke thuislanden waaronder Rusland, Oekraïne, Polen, Duitsland en Ethiopië zodat de ‘oorspronkelijke’ Arabische bewoners de steden zoals Akko, Haifa en Jeruzalem weer in bezit kunnen nemen. Natuurlijk reppen ze met geen woord over het feit dat zijzelf uit allerlei landen afkomstig zijn zoals eerder al aangegeven.

De bedoelingen zijn duidelijk! De Palestijnen willen Israël van de kaart van het Midden Oosten verwijderen en zij weten zich daarbij gesteund door de hele islamitische wereld en een groot deel van de rest van de wereldbevolking. Wij willen een Islamitische staat op elke vierkante centimeter van ons Heilige land, aldus de islamitische studentenraad van de Universiteit van Hebron.

De negatieve berichtgeving over Israël internationaal, maakt deel uit van een plan om het volk van Israël te vernietigen en uiteindelijk om zo de terugkomst van Jezus te verhinderen en de oprichting van Gods Koninkrijk. Maar niemand in deze wereld bepaald wat er uiteindelijk met Israël gebeurt. Geen enkele terreurbeweging, noch de VN noch EuroBabel zullen er in slagen Israël te vernietigen want de "Eeuwige God" is met hen. Het is God die deze geschiedenis schrijft. Israël zal uiteindelijk zegevieren zoals dat de hele geschiedenis al het geval is geweest. Niemand is er tot dusver in geslaagd het volk van Israël uit te roeien. Alle wereldmachten hebben het geprobeerd. Het heeft miljoenen van hen het leven gekost maar ze zijn er nog steeds en zullen blijven, zelfs tot in Eeuwigheid.

dinsdag 26 juli 2011

Kerk in actie tegen haatzaaien?

L.S.

Waarom wordt namens de kerk een instelling gesteund (Arab Educational Institute (AEI) in Bethlehem) die weliswaar in haar doelstelling heeft staan “jongeren de hand te willen reiken en uitdagen in hun moeilijke situatie toch een bijdrage te leveren aan vrede en gerechtigheid”, maar blijkens onderstaand verhaal bijdraagt aan demonisering van Israël?
http://www.kerkinactie.nl/Particulieren/Actueel/Verhalen-uit-het-veld/Verhalen-uit-Palestina-AEI/Magie--b504-1
Dit verhaal behoeft wel enige nuancering, zie http://missingpeace.eu/nl/2011/07/water-als-brandstof-voor-het-palestijns-israelische-conflict/

Groeten,
Bas Urgert


Geachte Heer Urgert,

Toine schrijft gewoon over wat hem en zijn familie overkomt, en hoe zijn familie en kinderen daarop reageren. Ze wonen in Bethlehem: Toine’s vrouw is Palestijnse. We hebben geen enkele reden om zijn collumns niet te verspreiden: ze geven aan hoe het voelt om in Bethlehem te wonen. We hebben ook geen reden om het Arab Educational Institute in de steek te laten. We hebben wel grote vragen bij de wijze waarop Missing Peace opereert.
Jochanan Visser, de “eigenaar” van “Missing Peace”, die zelf in een settlement lijkt te wonen (maar dit heb ik van horen zeggen), heeft vast geen last van watergebrek. Hij houdt er wel van om er een flink ideologisch verhaal te houden, dat hij dan vervolgens als de Enige Waarheid presenteert. Er zijn meer mensen op de wereld die hun mening als de enige waarheid zien. Dat mag. Het is echter goed om te weten dat het hier een instrumentele waarheid betreft. Een instrumentele waarheid wordt verteld met een bepaald politiek oogmerk, en is dus per definitie een gedeeltelijke waarheid. Hij wordt opgebouwd uit elementen die de mening van de eigenaar bevestigen en laat elementen die dat nuanceren of weerspreken weg uit het betoog. Ook dat mag. Alleen iedereen die zijn waarheid niet spreekt, is volgens hem iemand die misleidende informatie verspreidt. Daar gaat het fout. Hij draagt zo bij aan vijanddenken. Dat hebben we in de mail ook aan hem uitgelegd. Of in elk geval: geprobeerd om hem duidelijk te maken.
Over water op de West-Bank en hoe dat uitpakt voor Palestijnse families zijn veel artikelen op het internet verschenen en ook verscheen er onlangs een rapport over van Amnesty International. Ik denk niet dat Kerk in Actie aan die discussie veel heeft toe te voegen. Zie http://www.amnesty.org/en/news-and-updates/report/israel-rations-palestinians-trickle-water-20091027 Wij hebben daar het laatste woord niet over. Ook het Arab Educational Instituut niet. Dat zegt Toine ook niet: hij zegt alleen dat ze water tekort hebben. Ik heb geen reden te veronderstellen dat hij liegt. Integendeel: hij bepaald is niet de enige inwoner van Bethlehem die klaagt over watergebrek, terwijl in de Israëlische nederzettingen er om heen helemaal niemand over watergebrek te klagen heeft. Toine vertelt hoe frustrerend dat is voor zijn gezinsleden in Bethlehem. Meer niet.
Wij houden het maar het liefst gewoon bij wat mensen zelf ervaren, zonder daar een politieke boodschap aan te hangen of te pretenderen de waarheid in pacht te hebben. Zo ook het verhaal van Toine. Leest u het zelf maar in de bijlage. Het geeft aan wat een familie ervaart en hoe ze daar tegenaan kijken. Wie zal hun ervaringen ontkennen? Of mogen mensen over zichzelf alleen schrijven wat politiek correct is? Dat lijkt me niet het soort samenleving dat we zouden moeten willen, nog afgezien van het feit dat we als kerk ons daar sterk tegen zouden verzetten. Wij vinden het belangrijk dat verhalen van gewone mensen door anderen kunnen worden gehoord en meegelezen. Zonder commentaar en ongecensureerd. Het zijn hún ervaringen en gevoelens. Wie zal iemand ontkennen, wat hij ervaart of voelt? Waarom zouden we mensen moeten zeggen dat ze niet mogen schrijven wat ze ervaren, denken of voelen?
Het Arab Educational Institute is een volstrekt respectabel instituut dat op verschillende manieren probeert om met jongeren en vrouwen te werken aan een helder inzicht in zichzelf en in hun situatie, hen te helpen onrecht dat zij voelen bespreekbaar te maken en om respect te hebben voor de godsdienst van een ander (moslims, christenen, Joden). Hun methode wordt gebruikt als een model voor ons eigen catechetisch materiaal over in respect met elkaar samenleven. Zij participeren in een project van Kerk in Actie en Kerk & Israel onder de titel Holyswitch.nl, waarin Joodse en Palestijnse jongeren elkaar ontmoeten. Als er nu iets is, dat ze niet doen, is het haat zaaien.
Wanneer iemand verhalen van mensen gebruikt in een politieke discussie, om ze zo tot “vijanden van de waarheid” en dus tot “vijanden van ons” te verklaren, zaait die persoon wél haat. Dat noemen wij éénzijdig en moedwillig desinformatie verspreiden. Kerk in Actie wil daar niets mee te maken hebben. Met “Missing Peace” zullen wij om die reden ook niet samenwerken. We zullen hen echter ook niet aanklagen. Wij weigeren gewoon om vijand te zijn. Als Protestantse Kerk zijn wij onopgeefbaar verbonden met het volk Israel en tegelijk vormen wij Eén lichaam van Christus samen met Palestijnse kerken en christenen. Bovendien draagt de Protestantse Kerk diaconale verantwoordelijkheid voor welzijn, vrede en recht voor hen die dat ontberen, ongeacht visie, ras, religie of politieke voorkeur. Bij ons gaat het één niet ten koste van het ander. We werken juist aan het doorbreken en overbruggen van isolement in dit conflict. Vanuit die grondhouding werken we samen met Arab Educational Institute.
Er is geen bondgenoot met wie wij het over alle aspecten, meningen en uitspraken 100 % eens zijn. Ook niet in Israel en Palestina. Soms zijn verschillen onbelangrijk, soms zijn ze aanleiding voor gesprek, soms veroorzaken ze een breuk. Maar dat laatste is met een goede, effectieve en prettige partner als het Arab Educational Institute in de verste verte niet het geval. Kijk op de website wat er met dat geld wordt gedaan. We zijn daar heel open over. En bij vragen geven we daar antwoord op. U bent van harte welkom om er ook geld voor te doneren en zo mee te werken aan een wereld waar mensen elkaar proberen te begrijpen in plaats van onderuit te halen. Een wereld waarin volop plaats wordt gemaakt voor Joden én Palestijnen.
Mocht u in direct contact staan met de heer Visser, laat hem deze mail dan vooral lezen.

Dit voor nu. Met vriendelijke groet, vrede!
Feije Duim
Kerk in Actie Middle East Program

Geachte heer Duim,

Sorry hoor, maar die “onopgeefbare verbondenheid met Israël” uit de Kerkorde wordt steeds meer een loze kreet wanneer die onmiddellijk gekoppeld wordt aan een politieke stellingname die de “bezetting” door Israël veroordeelt. Die “onopgeefbare verbondenheid” is namelijk onvoorwaardelijk, vanwege de beloften van God. Deze theologische stellingname heeft niets te maken met de politieke constellatie van een bepaald moment.
Dat veel Palestijnse Arabieren economische problemen hebben, wordt overigens niet veroorzaakt door de “bezetting” door Israël, maar door het wanbeleid van de Palestijnse Autoriteit. Heel de wereld pompt geld in hun bodemloze put. Er is dan ook sprake van een flinke economische groei in de betwiste gebieden, maar net als in de meeste landen zijn de middelen nogal oneerlijk verdeeld.
Het is mij overigens niet duidelijk waarom namens de Kerk wel geld gegeven moet worden aan projecten voor arme Palestijnen, maar niet voor de vele noodlijdende Israëli’s. Ik geef mijn geld dan ook liever aan projecten van Christenen voor Israël dan aan Kerkinactie. Maar waarschijnlijk vindt u nu dat ook ik aan het ‘haatzaaien’ ben.

Gegroet,
Bas Urgert

Meer bewijs dat Gaza niet verhongert

Uitgebreide analyse van de situatie in Gaza toont dat grondgebied goed voorzien is en geen gevangenis is, schrijven bezoekende journalisten eenstemmig.
De internationale gemeenschap blijft vasthouden aan het idee dat de Gazastrook een land van ellende is, waar hongersnood bijna elk gezin in zijn greep heeft. Vergelijkingen met de concentratiekampen in de Tweede Wereldoorlog zijn populair.
Maar een van de gevolgen van de recente mislukte "humanitaire hulpvloot" naar de Gazastrook is, dat steeds meer journalisten en onderzoekers naar de situatie in Gaza kijken en ontdekken dat het niet echt overeenkomt met wat er over wordt geschreven.

We hebben vorige maand al geschrenen over de manier waarop correspondent Tom Gross van de National Post (Canada) in Gaza gastronomische restaurants en een zwembad met olympische afmetingen ontdekte. Luitenant-kolonel (bd) Jonathan D. Halevi van het Institute for Contemporary Affairs in Jeruzalem heeft een uitgebreid verslag opgesteld over de situatie in Gaza, waarin een aantal citaten uit de algemene en de Arabische pers die erkennen dat Gaza niet verhongert, en is niet slechter af dan waar dan ook in het Midden-Oosten.

Janine Zacharia schreeft in haar verslag in de Washington Post van 3 juni: "Als je de belangrijkste verkeersader van Gaza stad - Salah al-Din Street - uitloopt, zie je levensmiddlenwinkels, van muur-tot-muur gevuld met alles, van verse Israëlische yoghurt en hummus, Cocoa Puffs (cerials), gesmokkeld vanuit Egypte. Apotheken zijn goed voorzien, zoals typische Amerikaanseapotheek".
Eerder in het jaar had het de Palestijnse persbureau Ma'an, gevestigd in Bethlehem, gemeld dat "de markten in Gaza verzadigd zijn met goederen".
Om dit duidelijk te maken nam Halevi een lijst op van de Israëlische coördinator van Overheidsactiviteiten in de Gebieden, met wat Israël naar Gaza heeft gestuurd in 2009 (in aanvulling op hetgeen werd gesmokkeld of in de particuliere sector het land binnenkwam):

Gezondheidszorg: 4.883 ton medische apparatuur en medicijnen kwam Gaza dat jaar binnen, in overleg met de Palestijnse Autoriteit en de internationale agentschappen;
Elektriciteit: Israël bleef elektriciteit aan Gaza leveren vanuit de elektriciteitscentrale in Ashkelon. Daarnaast zijn 41 vrachtwagenladingen overgedragen met materiaal voor het onderhoud van de elektrische installaties in Gaza. Tussen april en oktober 2009 heeft Siemens onderhoudswerkzaamheden verricht aan het elektrische netwerk in Gaza, waaraan meer dan 100 miljoen liter diesel werd geleverd voor de bedrijfsvoering.
Communicatie: 45 vrachtwagenladingen met communicatie-apparatuur gingen naar Gaza op verzoek van de Palestijnse Autoriteit.
Water en riolering: 95 vrachtwagenladingen met apparatuur voor water en riolering, alsmede 3720 ton chloor voor waterzuivering, werden in 2009 overgedragen.
De private-sector: 77 procent van de inhoud van vrachtwagens die in 2009 naar Gaza gingen, was voor de particuliere sector. 257 Palestijnse zakenlieden verlieten Gaza en gingen naar Israël, de Westelijke Jordaanoever en het buitenland. 10.871 stuks vee werden overgebracht naar Gaza, voornamelijk voor de Ramadan en Eid al-Adha feestdagen. Ter voorbereiding voor de winter, was 3.607 ton glas voor ramen overgebracht naar Gaza.
Geld: Meer dan 1,1 miljard NIS (ongeveer 300 miljoen dollar) werd in 2009 overgedragen naar de Gazastrook om salarissen te betalen en de activiteiten van internationale organisaties. Daarnaast werd voor 40 miljoen NIS (ongeveer 10 miljoen dollar) aan versleten bankbiljetten vervangen.
Humanitaire hulp: 141.390 ton humanitaire hulp werd overgedragen door de internationale gemeenschap via Israël, waaronder 115.043 ton voedsel en 2.990 ton geneesmiddelen en medische apparatuur.
UNRWA: 3.282.000 liter benzine en diesel werden overgebracht voor gebruik door de UNRWA. Bovendien werd speciale apparatuur voor de zomerkampen, inclusief zwembaden, ijsmachines, muziekinstrumenten, apparatuur voor sport overgedragen aan de UNRWA.
Export van landbouwproducten: De export van bloemen en aardbeien werd goedgekeurd als onderdeel van een gezamenlijk project met de regering van Nederland. Sinds het begin van het project werden meer dan 7 miljoen bloemen en 54 ton aardbeien uitgevoerd.
Israël handhaaft inderdaad een blokkade van de Gazastrook, om zijn Hamasleiders die goederen te ontzeggen die gebruikt zouden kunnen worden bij de vervaardiging van oorlogswapens. Maar Israël beperkt niet de invoer van andere goederen, en laat in feite dagelijks het vervoer van grote hoeveelheden humanitaire hulp toe - goederen die de inwoners van Gaza vrij zouden ontvangen, tenminste, als Hamas zou stoppen met stelen.

Halevi reageerde ook op de bewering, dat zelfs als de Israëlische blokkade geen hongersnood veroorzaakt, deze in wezen een goed voorziene gevangenis heeft geschapen voor 1,5 miljoen Palestijnen. Halevi merkte op, dat de grensovergangen van Gaza niet gesloten zijn, noch ooit gesloten zijn geweest, voor het vertrek of de binnenkomst van de lokale Palestijnen. Natuurlijk is, omdat er een andere natie aan de andere kant van die grensovergangen is, coördinatie met de autoriteiten vereist, maar dat is niet anders dan een burger die een visum aanvraagt om een naburige staat te bezoeken.
In de afgelopen vijf jaar keurden Israël en Egypte 98 procent goed van de verzoeken om een vergunning om de grens van Gaza over te steken. In 2009 verlieten 10.544 Palestijnen Gaza voor medische behandeling in Israël, 147 studenten gingen naar het buitenland voor studie, 374 christenen verlieten Gaza om Kerstfeest te vieren in Israël en Bethlehem, en in de Gazastrook wonende leden van het Palestijnse voetbalteam verlieten regelmatig de kuststrook om deel te nemen aan wedstrijden met buitenlandse teams. De weinige afwijzingen zijnechter de enige zaken die media-aandacht krijgen.

bron: Israel today; Messiaans-Joods nieuwsagentschap in Jeruzalem

donderdag 23 juni 2011

Kerk in Actie diskwalificeert zich als bruggenbouwer in Israël

De Protestantse Kerk Nederland probeerde vorige maand via publicaties en een verzoenend gesprek met de Joodse gemeenschap in Nes Amim, de verstoorde relatie met Israel te herstellen. Nieuwe onthullingen in dit artikel tonen echter aan dat Kerk in Actie de bruggen opblaast die de PKN probeert te bouwen. Lees verder op Missing Peace
http://missingpeace.eu/nl/2011/06/kerk-in-actie-diskwalificeert-zich-als-bruggenbouwer-in-israel/

woensdag 1 juni 2011

Jeruzalem verheugt zich

Groot is de HEER, Hem komt alle lof toe.
In de stad van onze God, op zijn heilige berg
schone hoogte, vreugde van heel de aarde,
Sionsberg, flank op het noorden,
zetel van de grote koning –
in haar vesting weet men:
God is onze burcht.
…
In de stad van de HEER van de hemelse machten,
in de stad van onze God,
hebben wij gezien wat wij hadden gehoord:
God houdt haar voor eeuwig in stand.
…
Ga rond Sion, trek eromheen,
tel zijn torens.
Bezie met aandacht zijn muren,
bewonder zijn vesting
en vertel aan uw nageslacht:
‘Zo is God,
onze God, nu en altijd,
Hij is het die ons leidt, voor eeuwig.’
(uit Psalm 48)


In 1967 vond een bijzondere gebeurtenis plaats: tijdens de ‘Zesdaagse Oorlog’ werd de stad Jeruzalem herenigd en kwam voor het eerst in 2000 jaar onder Joodse soevereiniteit. Dit gebeurde op de 28e dag van de Joodse maand Iyar. Vandaag is het 'Jeruzalemdag'.
Na de stichting van de staat Israël en de Onafhankelijkheidsoorlog die daarop volgde, was van 1948-1967 het Oosten van Jeruzalem bezet door Jordanië. De Oude Stad werd door het Arabische Legioen van Joden gezuiverd en alle synagoges werden er verwoest.

Er is geen enkele stad op aarde met zo’n bewogen geschiedenis als Jeruzalem.
Ongeveer 4000 jaar geleden wordt Jeruzalem al genoemd in oude Egyptische teksten. Abraham bracht in die tijd hulde aan ‘Melchizedek, koning van Salem en priester van de Allerhoogste’. Duizend jaar later veroverde koning David Jeruzalem en maakte het tot hoofdstad van zijn koninkrijk. In 952 v.Chr. werd de schitterende Tempel van Salomo op de berg Sion ingewijd. In 586 v.Chr. werd de Tempel verwoest door de Babylonische vorst Nebukadnezar, een feit dat nog elk jaar door de Joden wordt herdacht op de 9e dag van de maand Av. Ongeveer 70 jaar na die verwoesting wordt op dezelfde plaats weer een tempel gebouwd. In die tempel trad Jezus op en bracht daar het Evangelie. Deze Tweede Tempel werd in 70 n.Chr. door het Romeinse leger verwoest, opnieuw op 9 Av(!).
In de daarop volgende periode werd Jeruzalem vaak door heidenen onder de voet gelopen: door Perzen, Arabieren, de Kruisvaarders de Turken... Maar nooit is de stad hoofdstad van een of ander land geweest; het was altijd een klein, achteraf provinciestadje. In 1917 veroverde Engeland Jeruzalem op de Turken. In 1948 werd de Oude Stad door Jordanië veroverd en werd West-Jeruzalem hoofdstad van Israël. En in 1967 veroverde Israël Oost Jeruzalem op Jordanië; later heeft de Knesset (het Israëlische parlement) Jeruzalem tot ‘eeuwige en ongedeelde hoofdstad van Israël’ uitgeroepen.
Er waren orthodoxe Joden die in 1967 meteen wel wilden beginnen met de herbouw van de Tempel. Maar op het Tempelplein staan de Rotskoepel en de al-Aqsa moskee. Als een gebaar van goede wil heeft de Israëlische regering het beheer over het Tempelplein toen overgedragen aan de Waqf, de islamitische godsdienstpolitie. Het gevolg is, dat momenteel Joden en ook Christenen niet eens mogen bidden op het Tempelplein. Dat was trouwens voor Joden ook niet mogelijk in de periode dat Jordanië de heilige berg in bezit had. Toen de Oude Stad in 1967 onder Israël kwam, kregen alle religies vrije toegang tot hun heilige plaatsen. Dat ging goed totdat de Palestijnen in 1987 de eerste intifada (opstand) begonnen. De geestelijke leiders van de Palestijnen beweren nu, dat er nooit een Joodse tempel op de berg Sion heeft gestaan en zelfs dat de Joden in 1967 voor het eerst in de Oude Stad kwamen!
Dat Jeruzalem belangrijk is voor Joden en Christenen is duidelijk. Eeuwenlang was het de hoofdstad van Israël. De ‘heilige berg’ in Jeruzalem is het centrum van het Joodse geloof. In de Hebreeuwse Bijbel wordt Jeruzalem 750 maal genoemd. Voorts wordt de stad nog eens 180 maal vermeld onder de naam Zion. En er zijn nog veel andere namen voor Jeruzalem, zoals ‘stad van David’, de ‘heilige stad’, de ‘heilige berg’. In totaal wordt Jeruzalem wel 2000 maal genoemd in de Hebreeuwse Bijbel. En in het Nieuwe Testament komen we Jeruzalem wel 150 maal tegen. Maar het heilige boek van de Islam, de Koran, noemt Jeruzalem niet éénmaal. Er is iets geheimzinnigs, iets onbegrijpelijks met die felle, fanatieke concentratie van de Islam en vooral van de Arabieren op Jeruzalem. Ze hebben Mekka en Medina als heilige plaatsen. Een van de vijf heilige plichten voor een Moslim is een bedevaart naar Mekka; niet naar Jeruzalem. Hun grote aandacht voor Jeruzalem dateert pas van 1967!

In zijn reddingsplan voor de wereld gebruikt God mensen. Hij gebruikte Adam en Eva, maar dat ging mis. Abraham was één van de mensen die een grote rol speelden in Gods reddingsplan. Toen koos Hij een heel volk, namelijk Israël. Aan dat volk gaf Hij regels voor dat plan, de Thora. Voor dat volk koos God ook een land. En in dat land koos Hij een stad als zijn Woonplaats, Jeruzalem.
Later zond God Jezus om ons mensen te redden. Hij trad op als een Joodse rabbi in het Joodse land. Hij bracht verlossing door Zijn dood en opstanding bij Jeruzalem. Nu is het plan bijna compleet. In onze tijd wordt hard gewerkt aan de einduitvoering van Gods plan. Jeruzalem speelt daarin een grote rol. Dat is de stad waar God ‘zijn Naam wil vestigen om daar te wonen’ (Deut. 12:5). Vanuit die stad, 'vanuit Sion zal de wet uitgaan en het Woord van de Eeuwige vanuit Jeruzalem’ (Jes. 2:3). De residentie van de komende Messias zal Jeruzalem zijn. Vandaar dat de machten van de wereld loeren op Jeruzalem. Vandaar ook, dat er op de Rotskoepel staat geschreven: ‘Allah is groter’, waarmee de Islam bedoelt te zeggen dat hun god groter is dan de God van Israël; ook staat er op die Rotskoepel: ‘God heeft geen zoon’, waarmee ontkend wordt dat Jezus de Zoon van God is.
Niet de naam van de god van de Islam zal in Jeruzalem gevestigd worden maar de Naam van de God van Israël en van zijn Messias. Vandaar die strijd om Jeruzalem.
De Bijbel vertelt ons over een oorlog die de volken rond Israël om Jeruzalem zullen voeren: ‘Zie, Ik maak Jeruzalem tot een schaal van bedwelming voor alle volken in het rond’ (Zacharia 12:2). Inderdaad zien we hoe de massa’s in de Arabische landen bedwelmd worden door Jeruzalem. Tijdens demonstraties schreeuwen ze ‘Jihad’ en zijn ze bereid hun leven te geven in die (on)heilige oorlog. Daarna zullen ‘alle volken van de aarde zich daarheen (naar Jeruzalem) vergaderen’ (Zacharia 12:3). Dat kan betekenen dat de V.N., de V.S. en de E.U. zich ermee gaan bemoeien.
Israël staat onder grote internationale druk om de stad te delen. Maar uiteindelijk zal de Almachtige, de God van Israël, het laatste woord hebben, lees het laatste hoofdstuk van Joël er maar op na!
En als de Messias (terug)komt, zal die Gods Rijk van vrede en gerechtigheid op aarde vestigen. We hopen dat Hij spoedig komt!

donderdag 19 mei 2011

The Speech Obama Should Make

Here is what Obama should say in his speech today about the Middle East:

During these past few months, we have seen a real change in the Arab world. We have all watched the dramatic protests, first in Tunisia and then in Tahrir Square, protests that have effected a real change in the Arab world and that have brought hope to tens of millions of people who had lived under decades of crushing, autocratic rule.
We join in the celebrations of freedom for the Arab people. We wholeheartedly support freedom and democracy all around the world, and we are cautiously encouraged by what has happened. The United States stands by everyone who wants freedom and liberty. President Roosevelt listed the Four Freedoms and they are just as necessary today as they did in the dark early days of World War II. As he stated them, they are:
Freedom of speech and expression — everywhere in the world.
Freedom of every person to worship God in his own way — everywhere in the world.
Freedom from want — securing to every nation a healthy peacetime life for its inhabitants —everywhere in the world.
And freedom from fear — everywhere in the world.

These are not just slogans, and these goals are not unrealistic. These are the primary foreign policy goals of the United States.
The Arab Spring shows that all people want, and deserve, real freedom.
My commitment is to do everything possible to bring that freedom not only to the Arab world but to every country on the planet.
Unfortunately, freedom is not free. One cannot just wave a magic wand and expect nations to embrace real freedoms on their own. Elections alone do not make a democracy. It takes time to build up the institutions of democracy, to give people a real choice in who they want to govern them. People must be exposed to the entire marketplace of ideas before making their own decisions. The process can be bumpy, and rushing it can be as counterproductive as not doing it at all.
Three times in the last century has the world been threatened by vicious, evil, totalitarian movements. The first two were communism and Nazism. Even though both of them used the terminology of freedom and civil rights, both of these movements were responsible for the deaths of tens of millions of people.
They were fundamentally against freedom and they brought with them a swath of destruction and genocide.
There is a third, equally dangerous movement, and it is especially worrisome in the Arab world. That movement is Islamism.
Make no mistake – I am not talking about Islam. In a democratic, free world, everyone has the choice of which religion they want to follow, or not to follow one at all. That freedom is sacrosanct. Islam is a major world religion and it deserves as much respect as any other personal religion.
But Islamism is a political movement whose goals are no less destructive than Nazism and Communism were in the 20th century. Political Islamism seeks nothing less than domination of people, subjugation of women, cessation of freedom of speech, and little choice in how people worship.
Islamism’s principles are antithetical to each of the Four Freedoms of President Roosevelt. It is an inherently evil movement that creates an environment of fear among those who are unfortunate enough to live under its strictures.
Islam, as a personal religion, needs to be protected. Islamism, the political movement, needs to be destroyed.
Only when this occurs can there be truly an Arab Spring. Only when the hundreds of millions of Arabs feel free to express themselves without fear, to change religions without fear, to elect women as their leaders without fear–only then can we say that spring has come to the Arab world.
Any government that is based on Islamic law is, by definition, a government that rejects the basic tenets of human rights, of true equality before the law.
This must change. The sooner that Islamism is defeated, the sooner than Arabs can enjoy real freedom and security.
This is the main reason why the recent unity agreement in the Palestinian Arab territories is so problematic. Hamas is an Islamist, terrorist group. It is not interested a free, democratic Palestinian state–instead, it is dedicated to creating a pan-Islamist nation stretching across three continents. Gaza is a regime of fear, and people there have suffered greatly as a direct result of Hamas’ aggressive, violent, anti-freedom agenda. While unity may be a laudable goal, it can only work as long as all of the parties agree to the basic principles of freedom and democracy. Hamas is not an organization that is even capable of such thoughts.
While American policy has been to create a Palestinian state, statehood itself is not a right. It must be earned. The Palestinian Arab people must elect, and be led by, leaders who truly understand the necessity of these four freedoms, and the importance of real peace.
Unfortunately, this has not yet happened. The Palestinian Arab Fatah leadership has consistently chosen incitement over true peace and cooperation with Israel, the Jewish state. They have adamantly refused to continue peace negotiations. And now they have chosen to partner with a terror group instead of move toward a real, permanent solution to Arab-Israeli peace.
Let me be clear. Israel exhibits all of the freedoms we are discussing, even while under a constant state of war. It is a strong, reliable ally of the United States. America will never abandon Israel nor will we endanger it.
Israel’s freedoms should be the model that the Arab world follows as it moves toward a true spring. And when the Arab world is ready to make a real, true peace with the Jewish state, the payoff will be tremendous for everyone, as all of the artificial fear and hate that has been stoked over the decades will melt away.
I am not talking about a detente, or a paper truce with Israel. I am talking about real peace, where Jewish doctors can come to Arab countries to treat Muslim children, where poets from Syria can recite their works in a Tel Aviv concert hall, where Arab and Israeli researchers can work together to solve shared problems such as water, energy and the environment.
This is my vision for peace and my vision for the Middle East. We have spent too much time missing the forest for the trees. Real peace will not come from endless meetings haggling over borders, nor from using human rights terminology to push a hateful agenda. A true peace will only exist where Arab and Jew alike can feel free to travel, speak and laugh in the entire region, without fear from their cousins. I want to see a train line running from Jerusalem to Amman, a highway from Haifa to Beirut, commercial airliners flying from Riyadh to Tel Aviv.
This is what an Arab Spring must result in. It is not merely a dream, but it is a vision that everyone needs to work toward. As the president of the United States, I intend to lead the way toward this vision. I urge you you help me in this task.
Thank you, and God bless you.

Bron: http://elderofziyon.blogspot.com/

Arbeiders voor de Oogst

Uit de wekelijkse Gebedsbrief van Joseph Shulam, messiaans leider in Jeruzalem:
Yeshua zei tegen zijn leerlingen: De oogst is wel groot, maar arbeiders zijn er weinig; bid daarom de Heer van de oogst om arbeiders in zijn oogst te zenden (Lukas 10:2)
In het eerste tractaat van de Mishnah staat: "Rabbi Tarfon (Trypho) zei: De dag is kort, de taak is groot, de arbeiders zijn lui, het loon is overvloedig en de Meester heeft haast."
De overeenkomst is treffend. Trypho debatteerde met de apologeet Justinus de Martelaar die leefde in de 2e Eeuw. Hij is een van de voormannen van de scheiding tussen het Joodse volk en de Kerk. De uitspraak van Yeshua is dus veel ouder.

Wat wilde Yeshua hiermee zeggen?
De leerlingen worden getest. Yeshua legt ze en nood voor en daagt ze uit om te antwoorden.
1. De Oogst is erg groot.
2. Er zijn maar weinig arbeiders.
3. Bid de Heer van de Oogst dat Hij meer arbeiders stuurt.
1. en 2. beschrijven de feitelijke situatie. Bij stap 3 maakt Yeshua de arbeiders partners in het oplossen van het probleem: zij moeten tussenbeide komen en de Heer van de Oogst smeken om het probleem op te lossen.
Dit is een grote les voor ons om voorbede te doen. Niet voor onszelf, maar voor de Oogst en vanwege de Laatste Dagen en ter wille van de Zaak van de Meester. Door dit soort gebed worden we partners in het oplossen van het probleem; geen toeschouwers, maar deelnemers. WIJ kunnen iets DOEN om het problem op te lossen: Zien wat het probleem is en dan bidden tot de Heer om wat je nodig hebt om er het beste van te maken.

De situatie in Israël is zeer ernstig. We hadden vrede aan de grens met Syrië, maar deze week besloot president Assad om de aandacht van de wereld af te leiden van het bloedbad dat hij buitvoert tegen zijn eigen volk; in de steden Daraa, and Homs, and Banias, en Damascus heeft hij meer dan 850 mensen gedood. Hij stuurde duizenden Syriërs naar de zuidgrens van Syrië met de opdracht om het veiligheidshek neer te halen en Israël binnen te trekken. Er waren op dat moment maar tien Israëlische soldaten in dat gebied en die waren zo wijs om niet op de Syrische indringers te schieten, maar ze in het Druzische dorp Mag'dal Shams te laten komen, tot er versterking kwam om ze terug te drijven. Een paar Syriërs slaagden erin stiekem Israël in te gaan en kwamen liftend tot Tel Aviv. Het plan van Assad om de Golan te overlopen mislukte, maar het was voor Israël een ernstig incident. Door de aanmoedigingen op Facebook om de Arabische opstand te exporteren, zullen zulke dingen waarschijnlijk vaker gebeuren.

Bid voor de Israëlische leiders om wijsheid om manieren te vinden om aan deze rellen een einde te maken zonder bloedvergieten.
Bid voor Netanyahu om wijsheid als hij het parlement in Washington D.C. toespreekt.
Bid voor heel het Midden-Oosten en de situatie in Libië, Egypte, Jordanië, Syrië, Irak, Jemen, en Bahrein. Bedenk dat we partners zijn van de Almachtige God van Israël, ter wille van de Oogst.

woensdag 11 mei 2011

Israël demoniseren, mede namens de kerk

Leestips:

http://missingpeace.eu/en/2011/05/bashing-israel-on-behalf-of-the-protestant-church

http://missingpeace.eu/nl/2011/05/nieuwe-onthullingen-over-free-gaza-en-hamas

dinsdag 19 april 2011

Brief namens de P.K.N. aan Tweede Kamerfracties

Aan de fractievoorzitters van PvdA, D66, SP, GroenLinks, VVD, CDA, PVV, CU, SGP, PvdD

12 April 2011

Geachte dames, geachte heren,
Met deze email (officiële brief volgt) willen wij als moderamen van de generale synode van de Protestantse Kerk in Nederland u laten weten onaangenaam getroffen te zijn over het initiatief wetsvoorstel van de Partij voor de Dieren betreffende het verbod op ritueel slachten zonder voorafgaande bedwelming.
Met name de Joodse gemeenschap - maar ook de moslimgemeenschap - zou wanneer dit wetsvoorstel wordt aanvaard, hard worden getroffen. De Joodse gemeenschap woont al eeuwenlang onder ons en kent al deze eeuwen al het gebruik van ritueel slachten. Vele malen hebben Joodse medeburgers aangegeven dat het voor het praktiseren van hun godsdienstig leven van groot belang is. Het verbaast ons zeer dat tegen dit gebruik nu ineens zulke zwaarwegende morele bezwaren bestaan, dat een verbod dreigt.
In de eerste plaats worden onze Joodse landgenoten op deze wijze in het hart van hun godsdienstig bestaan getroffen. De Joodse bronnen spreken nadrukkelijk over de verantwoordelijkheid van de mens ten opzichte van de dieren. De spreuk ‘Een rechtvaardige mens kent het leven van zijn dieren’ (Spreuken 12: 19) spreekt wat dit betreft duidelijke taal. De rechten van dieren worden in de Joodse ethiek benadrukt. Rituele slacht maakt daarop geen inbreuk.
In de tweede plaats lijkt de conclusie dat niet bedwelmd slachten onnoemelijk dierenleed teweeg brengt, niet op gedegen en onweerlegbaar onderzoek gebaseerd te zijn. Van Joodse zijde zijn regelmatig grote vraagtekens bij deze conclusie gezet. Wij verwijzen o.a. naar de informatie van het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap te vinden op http://bit.ly/dMqqgg.
In de derde plaats bevreemdt het ons dat gefocust wordt op de laatste momenten van het leven van het dier, terwijl onze maatschappij zich in veel opzichten weinig aan het vermijden van dierenleed, dan wel het afbreuk doen aan dierenvreugde, gelegen laat liggen. Vlees wordt nog steeds voor dumpprijzen verkocht, en vanwege de fokmethoden waartoe boeren gedwongen zijn vanwege het consumentengedrag, zijn het de dieren die de echte prijs betalen. In onze morele oordelen zullen we ervoor moeten waken ‘de mug uit te ziften en de kameel door te zwelgen’.
Wij willen u daarom dringend oproepen het initiatief wetsvoorstel niet te aanvaarden.

Met vriendelijke groet,
A.J. Plaisier
Scriba van de generale synode van de Protestantse Kerk in Nederland

Koosjere slacht verbieden?

Een meerderheid van de partijen in de Tweede Kamer (met uitzondering van het CDA, CU en SGP) bleek afgelopen woensdag voor een verbod te zijn op onverdoofd slachten, of te wel het Halal en het joodse koosjere slachten. Zijn de politici die voor zo’n verbod pleiten echt bewogen met het leed van dieren of spelen andere motieven een rol? Momenteel ben ik bezig met een studie over koosjere slacht. De encyclopedieën die ik heb geraadpleegd, noemen het unaniem de meest humane vorm van slachten. Is er dan nu sprake van een ‘voortschrijdend inzicht’, zoals eerder bij andere onderwerpen (zoals homoseksualiteit)?
In Nederland wordt al meer dan 400 jaar koosjer geslacht . De laatste keer dat dat werd verboden was in 1940. De Nazi’s waren, zoals bekend, erg begaan met het lot van dieren. In de landen in Europa waar koosjere slacht nu is verboden, gaat deze wet terug op de Nazitijd en is hij nooit herroepen. In Zwitserland heeft antisemitisme een duidelijke rol gespeeld bij het aannemen van deze wet tegen de koosjere slacht (getuige uitspraken van parlementariërs als: ‘Joden eten al genoeg vlees’). Koosjere slacht is een essentieel onderdeel van de joodse godsdienst en een verbod is daarmee een aantasting van de godsdienstvrijheid.
Waarom zijn deze politici dan toch voor een verbod? Ik denk om de volgende redenen: als men het Halal-slachten wil afschaffen, moet je ook het koosjere slachten afschaffen, omdat anders een precedent wordt geschapen. Om dezelfde reden staat het Joods Bijzonder Onderwijs onder druk, zoals het Cheider in Amsterdam. Deze school, met een slagingspercentage van honderd procent, willen sommige politici afschaffen, zodat niet de moslims later zelf soortgelijke scholen kunnen stichten. Oftewel de orthodoxe joden worden rechten afgenomen uit angst voor de moslims. Dat wordt terecht als onrechtvaardig ervaren.
Een andere reden vind ik echter huiveringwekkender. Mijn conclusie, dat niet alleen vanuit bewogenheid met het dier zoveel politici dit wetsvoorstel ondersteunen, werd bevestigd door De Volkskrant van vrijdag. Daarin riep een intellectueel op om ook de besnijdenis te verbieden als tweede stap op weg naar de volledige ontmanteling van artikel zes van de Grondwet. Lees en huiver! Dit artikel jaagt me angst aan en ik zie duidelijke parallellen met de Nazitijd. Ook toen waren het vooral de wetenschappers en academici die van harte achter de nazi-ideologie stonden en die van een ‘wetenschappelijke’ basis voorzagen. Er is sprake van een totale verblinding waardoor er een omkeer plaatsvindt van waarden. Rechten van het dier zijn belangrijker dan de vrijheid van godsdienst. ‘De barmhartigheid der goddelozen is wreed’, wist Salomo al (Spreuken 12:10).

geschreven door Prof. dr. Pieter Siebesma, docent Hebreeuws, Oude Testament en godsdienstwetenschappen aan de Christelijke Hogeschool Ede. Bron: www.habakuk.nu