Een Bijbelse kijk op Israël

zaterdag 22 juni 2013

maandag 17 juni 2013

Terugkeer van Kruisvaarderstheologie?

Vorige maand is de Wereldraad van Kerken (WCC) bijeengeroepen in Libanon en deze legde de volgende verklaring af:
'In deze regio blijft Palestina de belangrijkste kwestie ... Het aanhouden, na vijfenzestig jaar, van door de Israëlische bezetting onteigend Palestijns land - van zowel Christenen als Islamieten -, en het voortzetten van nederzettingen binnen de landsgrenzen van 1967 ... is de hoofdzaak van de onrust in de regio .... het Jeruzalem van vandaag is een bezette stad met een overheid die discriminerend beleid heeft aangenomen tegen zowel christenen als moslims...’
De Wereldraad van Kerken mikte ook op christenen die de moed hebben Israël te steunen, de verguisde 'christelijke zionisten':
‘Christenen die 'christelijk zionisme' bevorderen, verdraaien de interpretatie van het Woord van God en de historische verbinding van de Palestijnen - christenen en moslims - met het Heilige Land, waarmee zij de manipulatie van de publieke opinie door de zionistische lobby mogelijk maken en de intra-christelijke relaties schaden’.
De WCC is geen onbeduidende organisatie waar geen rekening mee gehouden hoeft te houden, maar vertegenwoordigt officieel ongeveer 500 miljoen christenen uit 110 landen en gebieden vanuit de hele wereld. Het zijn Anglicanen, Baptisten, Lutheranen, Methodisten, Gereformeerden en onafhankelijke kerken die allemaal een politiek-religieus document hebben ondertekend dat onmiskenbare leugens bevat, wat doet denken aan de historische anti-joodse christelijke vooroordelen.
De WCC stelt bijvoorbeeld dat Israël voortdurend, gedurende 65 jaar, moslims en christenen hun land onteigent. De waarheid is echter dat de laatste keer dat Palestijnen de rivier de Jordaan overstaken en nooit meer terugkeerde tijdens de Zesdaagse Oorlog van 1967 was. Oorlogen brengen vluchtelingen voort, zoals nu in Syrië en elders kan worden gezien. In dat opzicht is Israëls enige fout dat het de oorlog gewonnen heeft. En zelfs tijdens dat conflict, toen de gehele Arabische bevolking van Hebron vluchtte, werden zij door de Israëlische minister van Defensie Moshe Dayan gevraagd om terug te keren naar hun huizen.
In tegenstelling hiermee bestaat er, als gevolg van ondraaglijke omstandigheden, een grote christelijke emigratie vanuit het door Palestijnen gecontroleerde Bethlehem en vanuit Libanon. Christenen lijden niet in Israël onder discriminatie, maar in Turkije, Egypte, Syrië en andere islamitische landen.
De WCC wil ook mensen doen geloven dat ‘het Jeruzalem van vandaag een bezette stad is’. Het WCC wijst niet alleen ‘Oost’ of ‘West’ Jeruzalem aan, wat betekent dat deze christenen vinden dat Jeruzalem als geheel onder de controle zou moeten zijn van iedereen behalve Israël, of, beter gezegd, de Joden. Het feit dat slechts ‘Oost’ Jeruzalem als ‘bezet’ gebied wordt betwist is niet relevant voor de vrome christenen die dit document ondertekenden.
De anti-Israëlisch politiek van de WCC komt voort uit zijn theologische positie die - uit angst om als antisemieten te worden bestempeld - stilzwijgend beweert dat (christelijk) ‘Zionisme de interpretatie van het Woord van God verdraait.’
Zionisme is een laatnegentiende-eeuwse nationale beweging die zich inzet voor de terugkeer van het Joodse volk naar hun thuisland en de hervatting van de Joodse soevereiniteit in het Land van Israël. De Bijbel is zo doordrenkt met een dergelijke visie, dat het onnodig is om nu te citeren. Het WCC moet daarom verklaren dat, net zoals de kruisvaarders daarvóór deden, het uitverkoren ‘volk Israël’ vandaag de dag niet de Joden zijn, maar in feite alle ware christenen; een reden waarom Jeruzalem niet onder Joodse soevereiniteit zou moeten zijn. Voor hen zou zelfs islamitische controle over Jeruzalem beter zijn.
Elke eerlijke en onbevooroordeelde lezer van de Bijbel weet wel beter en zou deze anti-joodse theologie moeten verwerpen. Een ieder, het WCC inclusief, die Israël doet afsteken als de enige schurk die de wereldvrede bedreigt, die Israël, het minst lastige element in het Midden-Oosten, hiervoor aanwijst, is per definitie antisemitisch. En door zulke sentimenten als christelijke liefde te vermommen, doet men dubbel kwaad.

donderdag 11 april 2013

Oprichter van Christenen voor Israël overleden

In zijn woonplaats Amersfoort is dinsdag 9 april de oprichter van Christenen voor Israël, Karel van Oordt, op 84-jarige leeftijd ontslapen. Van Oordt bleef tot kort voor zijn overlijden meelevend en nauw betrokken bij het werk van Christenen voor Israël en het Israël Producten Centrum (IPC).

Tot op hoge leeftijd bemoedigde hij ouderen en jongeren bij het ontdekken van de Bijbelse boodschap over Israël. Onze boodschap is niet bestemd voor Israël, zei hij altijd, maar voor de kerk.

Bij zijn bezoeken aan Israël sprak hij vaak met zijn Joodse vrienden over de Here Jezus. Met groot verlangen zag hij uit naar de komst van de Messias van Israël en het Koninkrijk van God. Hij vond het bijzonder mee te mogen maken dat het Joodse volk in deze tijd terugkeert naar het Beloofde Land Israël. Eén van zijn kernachtige uitspraken was: de beloften aan Israël gegeven, worden ook aan Israël vervuld.

In 1979 nam Karel van Oordt het initiatief om de Stichting Christenen voor Israël op te richten. Meer en meer raakte hij ervan overtuigd de Bijbelse boodschap over Israël te moeten verspreiden in de kerken. Hij was begaan met alle kerken, van Protestants tot Rooms-Katholiek. Hij ontdekte dat alle kerken op een of andere manier een relatie met Israël hadden.

Karel van Oordt wil herinnerd worden als iemand die weliswaar zijn werk deed met gebrek en fouten, maar telkens op de knieën ging om zijn zonden te belijden voor het Aangezicht van de Almachtige. Dat kon hij alleen via de Here Jezus Christus, de Zoon van de God van Israël.

Een groot vriend van Israël en het Joodse volk is heengegaan.

(Bron: Christenen voor Israël)

woensdag 27 maart 2013

maandag 18 maart 2013

'Ik ben het toch niet?'

Wie met zijn hele hart in Hem gelooft, kan dat moeilijk begrijpen, maar al vanaf het begin van het Evangelie is er Weerstand tegen Jezus, zijn er die tegen Hem in opstand komen.
- Demonen zijn de eersten die tegen Hem tekeer gaan; die doen dat omdat ze in Hem hun meerdere herkennen en weten dat hùn laatste uur geslagen heeft.
- In Nazareth, waar Hij niet geboren is maar wel getogen, wordt Hij eruit gegooid; omdat Hij weigert zijn eigen stadsgenoten schouderklopjes te geven.
- Dan zijn er ‘Schriftgeleerden’ die problemen hebben met wat Hij zegt en doet: wat verbeeldt Jezus Zich wel? Is Hij soms God, dat Hij zonden zou kunnen vergeven? Ze willen Hem graag in de val laten lopen, zodat ze Hem kunnen aanklagen, bijvoorbeeld voor het schenden van de Sabbat. En als Hij Zich niets van hen aantrekt, zijn ze woedend en overleggen ‘wat ze met Jezus zullen doen’ (lees: hoe ze van Hem af kunnen komen). Want Hij is in hun ogen een Godslasteraar en een wetsovertreder.

Jezus hééft vijanden. Maar Hij heeft in het Evangelie ook heel veel volgelingen, massa’s mensen lopen achter Hem aan. Op een gegeven moment kiest Hij er twaalf uit om speciaal zijn leerlingen te zijn. Hen stuurt Hij er ook op uit om met zijn gezag het Koninkrijk te verkondigen en in Zijn Naam wonderen te verrichten.
Op grond waarvan koos Hij nou juist deze Twaalf? Het is een bont gezelschap, totaal verschillende karakters en allemaal mensen met hun tekortkomingen en eigenaardigheden.(Andere mensen bestaan trouwens niet.)
Maar het grootste raadsel is: waarom koos Hij ook Judas? Jezus wist toch alles? Dan wist Hij dus ook van tevoren dat het Judas was die Hem zou overleveren.

Wie is die Judas eigenlijk?
Zijn naam is de vergrieksing van Jehuda of Juda; een van de meest voorkomende Hebreeuwse namen. Een van de grote zonen van Jakob, een van de twaalf stamvaders van het volk. Het woord ‘Jood’ is zelfs van deze naam afgeleid. Nog een van zijn discipelen heette ook zo. En een zoon van Jozef en Maria droeg die naam; een van de broers van Jezus, van wie Mattheüs zegt dat ze niet in Hem geloofden; maar later wèl: het voorlaatste Bijbelboek, de Brief van Judas is van zijn hand.
Om hem niet te verwarren met al die andere personen met dezelfde naam, wordt aan zijn naam steeds ‘Iskariot’ toegevoegd. Een gebruikelijke verklaring van die bijnaam is, dat hij deel uitmaakte van de Zeloten, verzetsstrijders tegen de Romeinse bezetting van het Joodse land. Een bepaalde afdeling van de Zeloten werden ‘sicariërs’ genoemd; dat woord betekent: ‘dolkman’. ‘Iskariot’ zou een Hebreeuwse weergave van ‘sicariër’ kunnen zijn. En als Judas Iskariot banden had met die verzetsstrijders, was hij onder de leerlingen van Jezus waarschijnlijk niet de enige. Een van hen wordt aangeduid als ‘Simon de Zeloot’. En een van hen die bij Jezus waren (was het Simon Petrus?), blijkt een kort zwaard bij zich te dragen en is ook bereid dit te gebruiken, wanneer ze Jezus gevangen komen nemen. (Maar Jezus zegt dan: ‘Breng uw zwaard weer op zijn plaats, want allen, die naar het zwaard grijpen, zullen door het zwaard omkomen.’ (Mt. 26:51v)) In tegenstelling tot de Zeloten propageert Jezus geweldloosheid. Alles wat Jezus zegt, wijst erop, dat Hij géén aardse koning wil zijn: ’Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld’, het wordt niet tot stand gebracht met wereldse middelen. Hij wil allereerst de Koning worden van ons hart.

In de geschiedenis van de Kerk is Judas er wel heel slecht afgekomen. Wie zou ooit zijn kind nog Judas noemen? Hij werd zo’n beetje de verpersoonlijking van de duivel zelf! Judas heeft wel een heel slechte naam gekregen. Als je iemand echt wil uitschelden moet je hem een Judas noemen.
Judas werd in de verhalen steeds zwarter afgeschilderd. Dat zou op zich nog niet zo erg zijn, maar Judas werd ook gezien als de Jood bij uitstek. Christenen zagen in de Middeleeuwen Judas als de vertegenwoordiger van alle Joden; en zij hebben de Messias verworpen! Een volk van verraders. Als de pastoor goed had uitgehaald tegen Judas in de week voor Pasen, dan konden de Joden wel oppassen! In de Middeleeuwen gingen veel christenen op Goede Vrijdag op Jodenjacht!

Tegenwoordig willen sommigen Judas zien als een willoze pion in een goddelijk plan. Dit alles móest immers gebeuren?! Jezus móest toch lijden en sterven, om ons te verlossen?
Een extreme visie hiervan werd aangehangen door de gnostische sekte uit de 2e Eeuw waaruit het zogenaamde Evangelie naar Judas voortkwam, waarvan de vertaling een paar jaar geleden met veel bombarie gepresenteerd werd in de pers. Daarin is Judas de beste van alle discipelen en wordt hij vereerd, als oorzaak van de kruisdood van Jezus waardoor Hij ons redde! Zijn verraad wordt als "mysterie van het verraad" tot een deugd verklaard.
Boeiend misschien, maar strijdig met het Evangelie. Judas moet niet opgehemeld worden, het Evangelie is er heel duidelijk over dat hij een groot kwaad heeft gedaan. Jezus Zelf zegt in het Evangelie, dat is opgetekend door Mattheüs en Markus, dat het beter was geweest als Judas nooit geboren was!
Maar God heeft het kwade ten goede gekeerd en door de dood van zijn Geliefde Zoon de wereld met Zich verzoend. Dat had geen mens kunnen verzinnen…

Je bent verantwoordelijk voor wat je doet met je leven, met Jezus, met het Evangelie.
Nee, ik zeg niet dat dat gemakkelijk is; dat geloven in Jezus, en zeker in een gekruisigde Jezus, simpel is; dat dood en opstanding vanzelfsprekend is. Dat is het allemaal niet. Want ten diepste is en blijft het hele Evangelie om het netjes te zeggen een zeer wonderlijk verhaal. Voor de wereld is het Evangelie Dwaasheid, schrijft Paulus aan de Korinthiërs; het is niet logisch, niet natuurlijk.

Met blijdschap nemen de overpriesters en hoofdmannen Judas’ aanbod aan. En ze besluiten om Judas ervoor te betalen; daarover waren ze het snel eens. Hebzucht was Judas’ zwakke punt. Geld is een van satans beste wapens om gelovigen in het verderf te storten. ‘De wortel van alle kwaad is de geldzucht’ (1Tim. 6:10). Volgens de evangelist Mattheüs, die meer Joodse details weet, kreeg Judas ‘30 zilverlingen’. De priesters kozen voor Jezus symbolisch de prijs van een slaaf, zoals door Mozes vastgesteld in Exodus 21; dat komt overeen met ongeveer een maandloon.

Uiteindelijk is het Judas die Jezus aan zijn tegenstanders heeft overgeleverd.
Maar had niet elk van de discipelen een Judas kunnen zijn? Als Jezus bij zijn laatste maaltijd met zijn leerlingen zegt: een van jullie zal Mij verraden", dan denkt niemand: O, Hij bedoelt natuurlijk Judas! Nee, ze worden bedroefd en dan vragen ze allemaal: "Ik toch niet Heer?!"
Zou ieder van ons niet in staat zijn de Heer te verloochenen en te verraden?
Wie beschuldigend naar Judas wijst, wijst tegelijk ook naar zichzelf. Want op allerlei manieren wordt Jezus nog steeds verraden!
‘Ik wil wel geloven, maar dan moet de Heer wel doen wat ik wil. Anders geef ik er de brui aan.’
En: ‘de kerk moet wel zo zijn, als ik het wens. Anders haak ik af.’
Wil uiteindelijk niet iedereen de Heer zo voor z’n eigen karretje spannen? Maar daar leent Hij Zich niet voor! Kijk eens wat er terechtkomt van de wereld en van de Kerk!
Geldt ook voor òns niet, net als voor de mensen in de tijd van de Bijbel, dat we eigenlijk geen raad met Hem weten? Maar Godzijdank weet Hij wel raad met ieder van ons. Ook al zijn wij nog zulke moeilijke mensen; ook al wankelt ons geloof. Als wij maar erkennen, dat we Hem nodig hebben; dan kan Hij wat met ons beginnen!

vrijdag 25 januari 2013

Van Agt en de Veiligheidsmuur

Bron: habakuk.nu Auteur: Jaap Spaans

Op de dag dat Israël deze week naar de stembus ging, overhandigde oud-premier van Agt de handtekeningen van het Burgerinitiatief Sloop de Muur aan de Tweede Kamer. Het is ook de week dat de Holocaust en de bevrijding van Auschwitz worden herdacht. Het gekozen moment getuigde niet van inlevingsvermogen en historisch besef. De geschiedenis leert dat deze tragedie op ons continent kon plaats vinden, omdat het Joodse volk in de verstrooiing weerloos was tegen de waanzin van het Naziregime.

Anno 2013 is dat anders. Israël is een zelfbewuste staat, die zich niet alleen kan maar ook moet verdedigen. De uiterst gewelddadige situaties in landen als Syrië, Libië en Mali hebben dat geleerd. Een burgerinitiatief is een democratisch recht, maar wat mij stoort is de selectieve verontwaardiging van veel Israëlcritici. Kamerlid Joël Voordewind (CU) zorgde tijdens de overhandiging gelukkig voor de kritische 'kanttekening' door Van Agt een granaatscherf aan te bieden van een op Israël afgevuurde raket.

WERELD 'VOL' HEKKEN EN MUREN
Op de symbolische datum 12/12/12 zond minister Timmermans zijn brief over Vrede in het Midden-Oosten naar de Tweede Kamer. De dag erop zocht Van Agt de publiciteit en kondigde de overhandiging van het burgerinitiatief aan. Die heeft inmiddels plaats gehad. Na de aankondiging in december heb ik een verzoek gericht aan de fractievoorzitters om, in het geval dat er een Kamerdebat volgt, ook aandacht te besteden aan de ontelbare andere veiligheidshekken en muren op de wereld. Ik bracht dat aspect in, omdat er bij de kritiek op Israël vaak sprake is van eenzijdigheid. De bewijzen/illustraties daarvoor heb ik bij mijn brief gevoegd. Twee andere gebeurtenissen na de aankondiging van het burgerinitiatief, hebben mij in mijn visie gesterkt.

MALI EN MORSI
Frankrijk bombardeerde islamitische rebellen in Mali en kreeg daarvoor brede steun. De vraag komt op waarom het Westen zich mag verdedigen door militaire acties uit te voeren op duizenden mijlen afstand, terwijl Israël het recht wordt ontzegd zich tegen diezelfde dreiging te verdedigen middels een veiligheidsmuur. Deze maand werd een toespraak van de Egyptische president Morsi vanuit het Arabisch vertaald en openbaar gemaakt. Daaruit blijkt dat hij Israël beschouwt als een land van bloedzuigers en afstammelingen van apen en varkens. De wereld lag er niet wakker van en ook van 'Sloop de Muur' geen reactie. Betreurenswaardig, want de leider van de moslimbroederschap waartoe Morsi behoort, dringt niet alleen aan op de vernietiging van Israël maar van alle Joden op de wereld. Niet bepaald een goede basis voor vrede. Herhaalt de geschiedenis zich? Israël kan in deze gebroken wereld simpelweg niet bestaan zonder veilige landsgrenzen. Dat er daarbij dilemma's kunnen optreden en een spanningsveld kan ontstaan tussen het volkenrecht en Bijbelse opvattingen, ontken ik niet.

ZWAARDEN OMSMEDEN TOT PLOEGSCHAREN
Israël, een demografisch en geografisch nietig stukje land op de navel der aarde, beheerst het wereldnieuws. Ik kan het alleen maar verklaren vanuit een Bijbels en profetisch perspectief. Zowel de actualiteit als de geschiedenis wijst uit dat de mensheid niet in staat is op eigen kracht een wereld zonder geweld en oorlog te verwezenlijken. Toch komt er een tijd dat 'zwaarden zullen worden omgesmeed tot ploegscharen en speren tot snoeimessen' (Jesaja 2/Micha 4). Dat zal zijn na Zijn Wederkomst. In Jeruzalem, de stad van de komende Koning.

woensdag 7 november 2012

"Gaza is vrij."

Israël kan niet langer worden beschuldigd van bezetting van de Gazastrook, zegt een van de vijf hoogste leiders van Hamas.

De uitspraak kwam als een complete verrassing. Een paar weken geleden zei Mahmud Al Zahar, een van de oprichters van het Hamasregime: ‘De Gazastrook wordt niet meer bezet gehouden. Gaza is bevrijd van de Israëlische bezetting en bevindt zich niet meer in een belegerde toestand. Het contact tussen Gaza en de buitenwereld is veel gemakkelijker geworden. Er komen steeds meer toeristen naar Gaza, vooral vanwege de prachtige stranden.’
Mahmud Al Zahar zei dit tegen het Palestijnse persagentschap Ma'an.

Het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken heeft alle Israëlische ambassades over de uitspraken van Al Zahar ingelicht. Als Israël nu weer wordt beschuldigd van de zogenaamde bezetting van de Gazastrook, zullen die journalisten worden geconfronteerd met de uitspraken van Al Zahar. Ondanks deze uitspraken vaart er een nieuwe vloot richting Gaza met de bedoeling de ‘bezette’ Gazastrook te bevrijden, of in ieder geval aan levensmiddelen te helpen.
Ook Al Zahar vindt dat dit niet nodig is. Bovendien verklaarde de Hamasleider in het interview, dat de economische situatie in de Gazastrook is verbeterd. Hij benadrukte tegenover Maan dat dit hoofdzakelijk te danken was aan de rijke bodem die de Joodse pioniers na de ontruiming van de Gazastrook in de zomer van 2005 achterlieten. Al Zahar: ‘Economisch gezien zijn we bijna geheel onafhankelijk, de voorziening van olie en elektriciteit niet meegerekend.’ Hij benadrukte dat de economie van Gaza er veel beter voorstaat dan die van de autonome gebieden Judea en Samaria. ‘Wij betalen onze ambtenaren volledige salarissen, maar de Palestijnse Autoriteit in Ramallah betaalt slechts halve maandsalarissen.’
Slechts terloops sprak Mahmud Al Zahar positief over hun nauwe betrekkingen met Iran. Hij vervolgde: ‘Als de PA van Mahmud Abbas op de Westelijke Oever mislukt, dan zijn wij direct bereid de macht over te nemen.’

Bron: Israel Today

donderdag 18 oktober 2012

Verkeerd verbonden!

Met een nieuwe bundel, getiteld ‘Meervoudig verbonden. Nieuwe perspectieven op vragen rond kerk, Israël en Palestijnen’, wil de Protestantse Kerk de ‘soms vastgeroeste discussie’ over de relatie met Israël en de Palestijnen nieuw leven inblazen.
Ds. Arjan Plaisier, scriba van de P.K.N. stelt, geheel volgens de Kerkorde en de Bijbel, dat ‘vanwege Gods trouw en zijn “onberouwelijke” verkiezing er voor de kerk sprake is van een “onopgeefbare verbondenheid met Israël”.’ Tegelijk zegt hij echter, dat er in het Nieuwe Testament weinig tot geen grond is voor het geloof dat het koninkrijk van Israël weer opgericht gaat worden. ‘De hand wordt overspeeld wanneer met te grote stelligheid wordt betoogd dat deze “landbelofte” onverkort blijft gelden.’ Dan heeft hij kennelijk toch wel wat Bijbelteksten over het hoofd gezien!
Volgens het Oude Testament (Gen. 12:7, 13:15; 15:7, 17:8 en véle andere) behoort het Beloofde Land onlosmakelijk bij het uitverkoren volk. In het Nieuwe Testament hebben de apostelen en evangelisten dit niet nog eens nadrukkelijk herhaald; maar het ligt voor de hand dat dit een onuitgesproken vooronderstelling is. Wanneer Paulus voorrechten van het volk Israël opsomt, noemt hij na de verschillende verbonden, het geschenk van de Tora, de tempeldienst, ook - zonder nadere aanduiding - ‘de beloften’ (Rom. 9:4). Is het vreemd als we veronderstellen dat daaronder ook de landbelofte valt? De belofte van de Eeuwige betreft immers een 'eeuwig bezit' (Gen. 17: 8). Het niet herkennen door de meerderheid van het Joodse volk van Jezus als de beloofde Messias doet daar niets aan af, want Gods beloften waren immers onberouwelijk.
Bij nauwkeurige lezing van het Nieuwe Testament blijkt, dat de landbelofte niet uit het zicht is verdwenen, maar juist in het centrum van de verkondiging van Christus is blijven staan. Al bij de aankondiging van de geboorte van Jezus aan Maria deelt de hemelse boodschapper mee, dat Hij zal zitten op de troon van zijn vader David en voor eeuwig koning zal zijn over Jakob! De wijzen uit het Oosten vinden in Hem de koning der Joden en zijn latere leerlingen weten ook dat Hij dat is: Nathanaël zegt bij zijn roeping: "U bent de Koning van Israël!" Als Jezus sterft, hangt boven zijn hoofd de beschuldiging Jezus de Nazarener, de koning der Joden. Vlak voor zijn Hemelvaart vragen de discipelen of Hij nu spoedig het koninkrijk voor Israël herstellen zal. Dat wordt door Jezus dan niet ter zijde geschoven als een verkeerde vraag, zij krijgen slechts te horen, dat ze dat niet hoeven te weten omdat de Vader het moment waarop dit zal gebeuren voor Zich houdt.
Wie stelt, dat Gods eeuwige beloften uit het Oude Testament niet meer van kracht zijn, trekt de betrouwbaarheid van God in twijfel en verklaart bovendien blijkbaar dat het Nieuwe Testament het Oude Testament buiten werking stelt. Dat is een oude ketterij die de Kerk in haar begintijd terecht afgewezen heeft. Het Oude Testament en het Nieuwe Testament zijn allebei volledig Gods Woord en allebei onverkort van kracht.

Plaisier maakt ook nog de kanttekening, dat ‘we Israël geen dienst bewijzen door kritiekloos achter de politiek van de staat Israël te staan’. Mijn vraag is dan slechts wie dat dan wel doet?!
De Kerk is in elk geval geen politiek orgaan en de verbondenheid van de kerk met Israël staat volkomen los van de politieke situatie van een bepaald moment. Wanneer tijdens een Synodevergadering wordt vastgesteld, dat we niet alleen ‘onopgeefbaar verbonden’ zijn met Israël, maar dat we evenzeer onopgeefbaar verbonden zijn met de Palestijnen, doet dit de geestelijke betekenis van Israël als volk van God vreselijk tekort.
De kerk heeft niet de taak zich te bemoeien met het politieke beleid van een bepaalde staat; daarmee gaat ze volledig buiten haar boekje. Haar voornaamste opdracht is de beloften van God te proclameren.
Het is een zeer trieste zaak, dat binnen de zeer pluriforme Protestantse Kerk tegenovergestelde meningen als waarheden naast elkaar kunnen blijven bestaan. Ons wordt geadviseerd aan de Bijbel geen argumenten te ontlenen, maar de Bijbel slechts te gebruiken voor meditatie.
De landelijke kerk heeft kennelijk als hoogste doel om iedereen binnen boord te houden, ook als dit ten koste gaat van de waarheid.